Historische ontwikkeling
Rond 1983 ontwikkelden Deense vissers in samenwerking met het Deense Visserij
Instituut een twinrigsysteem.

Op het moment dat de Denen de twinrigmethode ontwikkelden, groeide de belangstelling voor deze manier van vissen bij kleine visserijbedrijven aan de kust van Engeland en Schotland. Het concept twinrigging werd toegepast voor het vangen van kreeft en tong in gebieden waar de bodem ongeschikt is voor boomkortuigen. Al gauw bleek dat twinriggen voor schepen met relatief weinig vermogen een uitstekende optie is.
De Nederlandse interesse voor het twinriggen is afhoudend en wakkert pas aan sinds 1999. De Nederlandse reders met kotters die relatief weinig motorvermogen hebben ten opzichte van de grote boomkorschepen, vinden het twinriggen de moeite waard.

Vistechniek
Bij de vistechniek twinrigging of twin-trawling wordt tegelijkertijd met twee
trawlnetten naast elkaar gevist achter het schip. De beide netten zijn tijdens
het vissen aan elkaar verbonden. De twee netten worden door middel van drie
vislijnen voortgesleept. De twee buitenste vislijnen eindigen bij een scheerbord.
De middelste lijn eindigt bij het centrumgewicht wat een soort van grote kegel
is. Het scheerbord en het centrumgewicht slepen over de grond en zorgen voor
stofwolken die de vis doet opschrikken.
Vanaf het scheerbord lopen twee kabels naar de uiteinden van de onderkant en de bovenkant van elk net in totaal dus vier kabels. Door de stofwolken zwemt de vis naar het midden toe en de kabels zorgen ervoor dat de opgejaagde vis naar de juiste positie toe zwemt en in de netten terecht komt.
| | A | Scheerbord dat stofwolken veroorzaakt bij het slepen over de bodem. |
| | B | Vislijn naar het centrumgewicht |
| | C | Centrumgewicht dat stofwolken veroorzaakt bij het slepen over de bodem. |
| | D | Twee kabels naar onder- en bovenkant van het net. |
Snelheid en weersomstandigheden
De beste vangsten vinden plaats bij daglicht en helder water. Wanneer het water
troebel is zijn de stofwolken die het vistuig maken niet effectief genoeg om
de vis te doen laten opschrikken en in de netten te laten zwemmen. De twinrigvisserij
kan dus voornamelijk onder gunstige weersomstandigheden plaatsvinden of in gebieden
op zee waar de turbulentie in het water niet of nauwelijks aanwezig is. Ook
de snelheid is een belangrijk aspect met twinriggen. Twinriggen met een lage
snelheid is effectief want wanneer er met een te hoge snelheid wordt gevist
bestaat er het risico dat de vis het net en de kabels kan ontzien en er onderdoor
of bovenlangs schiet.
Duurzaamheid
Twinriggen is interessant voor eigenaren van kotters met een gering motorvermogen.
De zogenaamde Eurokotters. Een moderne Eurokotter beschikt al over een nettenrol
op het achterschip en zijn de kosten van aanpassing nog te overzien in vergelijking
met een grote boomkorkotter die aangepast moet worden om te kunnen twinriggen.
Twinrigvisserij staat goed in de publiciteit omdat het duurzaam is. Twinrigging
vergt aanzienlijk minder brandstof omdat er minder voortstuwingsvermogen nodig
is. De lagere snelheid zorgt er ook voor dat de vis minder gestresst in de netten
terecht komt en veelal zijn slijmlaag nog heeft als het aan boord gehaald wordt
en vertoont minder tot geen beschadigde plekken op de huid. De bijvangst en
ondermaatse vis (discards) is gering. De twinrigvisserij biedt een goede kwaliteit
vis wat wordt beloond in de visafslagen met een goede prijs.
Terug naar Vismethode
Terug naar Koksforum artikelen

